Hildebrandstraat 14
5242 GE Rosmalen
06-20406009
073-5217753
b.vandermeer@home.nl
http://www.bobvandermeer.info
http://www.bullying.nl

Een goede aanpak van pesten: drie voorwaarden | Afdrukken |  E-mail
Een goede aanpak van pesten: drie voorwaarden
Bob van der Meer
E2V2, Rosmalen

U heeft Vijfsporenaanpak van pesten/Beleidsplan pesten aangeklikt en bent daarna terecht gekomen op de zeven volgende onderwerpen: Een goede aanpak van pesten: drie voorwaarden; Artikel De vijfsporenaanpak van pesten; Verklaringsmodel van geweld; Aanbod; Pilotprojecten; Beleidsplan psychosociale veiligheid en Checklist. In Een goede aanpak van pesten: drie voorwaarden, breng ik de verbanden tussen de onderwerpen aan. U vindt ze dik gedrukt in de tekst.

Inleiding

Ik stel drie voorwaarden aan een goede aanpak van pesten. Het zijn: de aanpak is in twee opzichten integraal, is structureel van aard en leidt tot attitudeverandering. Hieronder een korte toelichting op deze drie voorwaarden. Ze zijn voor alle typen onderwijs (basisonderwijs, voortgezet onderwijs en mbo) en het bedrijfsleven voor pesten op het werk dezelfde.

1 De aanpak is in twee opzichten integraal

De eerste voorwaarde is: de aanpak is in twee opzichten integraal.
Enerzijds door het betrekken van alle partijen bij de aanpak van het probleem: mijn vijfsporenaanpak van pesten. 
Een artikel over deze aanpak is te vinden in het in het blad Counseling Magazine gepubliceerde artikel De vijfsporenaanpak van pesten. In dit artikel in het kort de vijf partijen en drie psychologische mechanismen bij pesten.

Anderzijds door pesten te zien als onderdeel van geweld. 
In mijn verklaringsmodel van geweld heb ik pesten geplaatst onder ‘geweld tegen de ander’. 
Binnen school betreft dit het geweld – of vriendelijker gezegd ongewenste omgangsvormen - tussen leerlingen onderling; tussen leerlingen en leerkrachten; leerkrachten en leerlingen; personeel onderling; tussen school en ouders en tussen ouders en school.
Mijn verklaringsmodel van geweld, zoals gepubliceerd in School en geweld, oorzaken en aanpak,plus de toelichting erop, heb ik op mijn website www.pesten.net, in de rubriek Verklaringsmodel geplaatst.    
Om erachter te komen welke ongewenste omgangsvormen tussen deze geledingen mogelijkerwijs plaatsvinden, is het afnemen van een eenvoudige enquête een goed middel. Deze enquête wordt door mij afgenomen en verwerkt. De resultaten op deze enquête kunnen worden gebruikt als een voormeting voor onderzoek naar de effecten van daarna uitgevoerde activiteiten om de school veilig(er) te maken.
Zie hiervoor Aanbod.

2 Het probleem wordt structureel aangepakt

De tweede voorwaarde die ik stel aan een goede aanpak van pesten is dat pesten structureel wordt aangepakt. Als volgt.
Wanneer mensen - of dit nu klussers in huis, scholen, leidinggevenden in bedrijven, politici, ministers of regeringen zijn – met problemen worden geconfronteerd, worden de problemen in eerste instantie vaak ontkend; als ze niet meer ontkend kunnen worden, pakt men de problemen ad hoc aan; als dat het probleem ook niet oplost, brengt men een noodverband aan; en, als ook dat niet meer toereikend is, analyseert men het probleem wel, maar meestal onvolledig. 
Aangezien in elk stadium niet, niet-planmatig of planmatig wordt gesignaleerd, geanalyseerd, plannen worden opgezet en uitgevoerd, geëvalueerd, beschikken we, als we bovenstaande 'ontdekking' positief formulieren, over een methode om onderwijsproblemen efficiënt aan te pakken en op te lossen, namelijk door de elementen signaleren, analyseren, een plan opzetten en uitvoeren, evalueren. 
Omdat deze methode de kenmerken van de wetenschappelijke methode vertoont, houdt dit in dat we met de activiteiten signaleren, analyseren, plan opzetten en uitvoeren, evalueren, beschikken over een toepassing van de wetenschappelijke methode op concrete onderwijsproblemen, om welke reden het efficiënter lijkt (toekomstige) directieleden en leerkrachten basisonderwijs, voortgezet onderwijs en mbo deze methode te leren toepassen dan hen op te zadelen met de aanpak van afzonderlijke of telkens nieuwe onderwijs- en maatschappelijke problemen. 
Wanneer deze methodiek wordt toegepast op het pestprobleem, is de conclusie dat ten aanzien van de tweede voorwaarde bijna alles is ontwikkeld om het probleem effectief aan te pakken en op te lossen. Hierbij worden hieronder in sommige gevallen nummers genoemd. Ze verwijzen naar de nummers die op een beveiligd intranet per stichting van scholen kunnen worden geplaatst.
- Signaleren: signalen van pesten (012); directe signaleringsmogelijkheden (013);  indirecte signaleringsmogelijkheden (014); het focused interview (034); de relatie tussen de resultaten, verkregen met behulp van de sociogrammethode met die van de Schoolvragenlijst, nu SAQI (School Attitude Questionnaire Internet) geheten (085); De Pesttest en andere instrumenten.
- Analyseren: het verklaringsmodel van geweld.
- Plan opzetten en uitvoeren: om mijn methode uit te testen en aan te passen heb ik een groot aantal pilotprojecten uitgevoerd. Het overzicht staat in de rubriek Pilotprojecten. 
- Evalueren: binnen deze projecten is tevens een aantal eenvoudige instrumenten ontwikkeld en uitgeprobeerd. Twee ervan worden op het beveiligde intranet geplaatst.

3 De aanpak leidt tot attitudeverandering

En de laatste voorwaarde is dat activiteiten om pesten te stoppen moeten resulteren in attitudeverandering. 
Een attitude nu bestaat uit drie componenten: de cognitieve (kennis)component, de emotioneel-affectieve component en de conatieve (wils- of streef)component, de bovenste drie knoppen op de site. 
En voor een blijvende attitudeverandering is de toepassing van drie strategieën een noodzakelijke vereiste: de machts- of dwangstrategie, de normatief-heropvoedende strategie en de wetmatighedenstrategie, de onderste drie knoppen van de site.
Een fictief voorbeeld om dit toe te lichten.
Stel, een ministerie van Verkeer geeft aan een groep wetenschappers de opdracht om onderzoek te doen naar mogelijkheden om de verkeersveiligheid te vergroten. Na veel wikken en wegen komt de groep op het lumineuze idee de autorijder bij een ongeluk te fixeren. Veel mogelijkheden passeren de revue, waarna voor een gordel wordt gekozen. Het onderzoek wordt uitgevoerd, de resultaten zijn veelbelovend. Het rapport wordt officieel aan de minister overhandigd, de pers besteedt er veel aandacht aan, artikelen verschijnen in de wetenschappelijke bladen. In dit geval is sprake van de cognitieve component: kennisverzameling en –overdacht.
De auto-industrie en de autorijders worden er echter niet warm of koud van. Daarop besluit het ministerie de hulp van een reclamebureau in te roepen die de opdracht krijgt filmpjes van ongelukken met en zonder gordels te maken. Het doel: gevoelens van veiligheid of van onbehagen bij de kijkers op te wekken. In dit geval wordt een beroep gedaan op de emotioneel-affectieve component.
Het ministerie zet de voor- en de nadelen tegenover elkaar, kiest voor de veiligheid van autobezitters en maakt een wet die de fabrikanten verplicht de gordels aan te brengen en de autorijders verplicht van de gordel gebruik te maken: de conatieve (wils- of streef)component.
Er worden straffen vastgesteld voor het niet gebruiken van de gordel: de machts- of dwangstrategie.
Ook, en het in het voorbeeld genoemde ministerie en parlement zijn hun tijd ver vooruit, worden inhouden van cursussen bedacht en verplicht opgelegd aan die diehards die, ondanks alle boetes en gevangenisstraffen, weigeren de gordel om te doen: de normatief-heropvoedende strategie.
Dan de laatste strategie. Deze gaat ervan uit dat alleen al het geven van informatie en onderzoeksresultaten attituden zouden doen veranderen: de empirisch-rationele strategie. Omdat echter naar de overtuiging van het reclamebureau het gedrag van mensen voor negentig procent wordt bepaald door fysiologische wetten en wetmatigheden en slechts voor tien procent door ratio, en hun aanpak al beschikte over achtergrondinformatie (cognitieve component), veranderen ze deze strategie in de strategie van het op zoek gaan naar en oplossingen vinden voor psychologische mechanismen en wetmatigheden, kort gezegd: de wetmatigheden strategie. In het geval van de autogordel maken ze de gordel zó sexy dat het verzet wel moet worden gebroken. De groep schakelt hiervoor namelijk filmsterren in. Resultaat: het verzet wordt gebroken en de autogordel ingevoerd. 

Een school nu die goed beleid wil maken op het gebied van de psychosociale veiligheid van alle geledingen, downloadt, van de rubriek Gratis, het Beleidsplan psychosociale veiligheid, dat geschikt is voor het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en het mbo. In de teksten van het plan worden nummers genoemd die betrekking hebben die onder de drie componenten en de drie strategieën op de site worden genoemd. 

Tot slot

In mijn opvatting kan pesten niet worden opgelost door middel van een antipestproject of antipestmethode, ook niet door een sociale vaardigheidstraining die belooft ook pesten op te lossen en is pesten tussen leerlingen een te beperkt onderwerp om serieus genomen te worden. 
Wat mij voor ogen staat is een kader dat door scholen zelf wordt ingevuld. Hiervoor wordt Beleidsplan psychosociale veiligheid ontworpen. Scholen doen, door middel van de afname van een enquête, een voormeting over mogelijke ongewenste omgangsvormen tussen de verschillende schoolgeledingen, waaronder die tussen de leerlingen, kiezen hieruit het voor de school grootste probleem, destilleren uit de door het team genoemde oplossingen er een, passen dit consequent toe en evalueren na verloop van tijd op eenvoudige wijze of de investering heeft gerendeerd. Bij succes wordt een ander probleem aangepakt, bij uitblijven van resultaten wordt opnieuw een analyse uitgevoerd of een andere oplossing toegepast.
Dat een ongewenste omgangsvorm als pesten tussen leerlingen, hierbij een ‘prachtig’ startpunt is om een school werkelijk veiliger te maken en op welke manier dat te bewerkstelligen is, is te vinden in paragrafen 9 en 10 in mijn boek Geweld als onderwijsprobleem, dat in de toekomst wellicht een e-book wordt.
In dit boek wordt een probleemoplossingsstrategie ontvouwd die ook kan worden toegepast op andere geweldproblemen zoals: geweld tegen zichzelf (internaliserende gedragsproblemen), direct en indirect geweld tegen school en geweld tegen de maatschappij, in de vorm van criminaliteit (externaliserende gedragsproblemen); maatschappelijke problemen als discriminatie, huiselijk geweld, vrouwenmishandeling, homofobie, kindermishandeling, seksueel misbruik en seksuele intimidatie en problemen van alle tijden als Joden- en homovervolging.

Wil men nagaan of en in hoeverre de eigen school een naar mijn opvatting goed antipest- of veiligheidsbeleid heeft, kan men de hiervoor ontworpen Checklist invullen. 

Bronnen

Meer, B. van der (1991-1). Het zondebokfenomeen op school. In: Gelukkig op school? Emotionele stoornissen en het functioneren op school, onder redactie van: A. Collot d’Escury-Koenigs, T. Engelen-Snaterse & J. Tijhuis. Lisse: Swets en Zeitlinger, pp. 20-29.
In dit artikel is de eis van een integrale aanpak in twee opzichten uitgewerkt.

Meer, B. van der (1993-4). De Probleemaanpak. Nijmegen: Berkhout BV.
Meer, B. van der (2013). Geweld als onderwijsprobleem. Rosmalen: E2V2.
In deze twee boeken is de structurele aanpak in al zijn finesses te vinden.

Meer, B. van der (1995-2). Attitudeverandering door middel van pestprojecten. In: Sociale vaardigheidstraining voor kinderen, indicaties, effecten, knelpunten, onder redactie van: A. Collot d’Escury-Koenigs, T. Engelen-Snaterse & E. Mackaay-Cramer. Lisse: Swets en Zeitlinger, pp. 263-274.
En in deze bijdrage een uitwerking van de eis van attitudeverandering.

c  Bob van der Meer
E2V2
Hildebrandstraat 14
5242 GE Rosmalen
073-5217753/06-20406009
Dit e-mail adres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken
www.pesten.net

 
© 2017 Bob van der Meer